Taalkamp Brussel: Dag 9

De laatste dag. Ik zal eerlijk zijn: twee weken heb ik er naar uit gekeken, maar nu de twee weken om zijn, moet ik er met nostalgie op terugkijken. Al bij al viel het mee, mijn grootste hoop is dat ik nu de Franse taal wat meer heb leren appreciëren en, natuurlijk nog belangrijker, ook wat beter heb leren begrijpen.
De subjonctif kent geen geheimen meer voor mij, noch woorden die structuur aanbrengen in je tekst/uitleg. De afgelopen tien dagen heb ik al mijn zintuigen volop leren gebruiken en dat enkel en alleen voor de Franse taal. Communicatie kon en mocht alleen in het Frans en dat was net wat ik nodig had. Ik heb met armen, benen, wenkbrauwen en ogen soms dingen moeten uitleggen, heb tekeningen gemaakt voor verduidelijking en wel een honderd keer gevraagd: “Vous pouvez repeter, svp? Je ne te comprends pas…” Ik kan nu, hopelijk, zeggen dat ik de Franse taal volledig onder de knie heb. Ik kan spreken, schrijven, lezen, luisteren en (als dat al mogelijk is) zien in het Frans.

Toch nog even emotioneel doen en mijn dank betuigen aan alle ietwat-Frans-sprekende mensen die bij mij in de klas zaten: Kamile, Camile, Tia, Laura, Miguel, Matteo, Marjan, Janette, Li Xiang en Robina. Twee weken jezelf belachelijk maken voor compleet vreemden van overal de wereld vraagt veel moed, maar we hebben het toch maar mooi gedaan. Natuurlijk ook met “special thanks” aan Naïs, die erg vriendelijk is geweest en me heeft laten inzien dat toch niet alle Fransen blaaskaken zijn. Bedankt om op een “normaal” tempo te spreken, veel geduld op te brengen en respect op te brengen dat een treinreis van twee uur naar Brussel elke dag een mens echt wel kan uitputten.

Advertenties

Taalkamp Brussel: Dag 8

Het einde is nabij, en dat merk je ook aan de sfeer in de klas, of moet ik zeggen: klasje. Ook al zijn we maar met zijn elven, het kan behoorlijk druk worden als je een mix van nationaliteiten hebt die allemaal met het krampachtige Frans dat ze kennen, zich met een zwaar accent proberen duidelijk te maken.

Vandaag werd er dan ook hevig gediscussieerd over een hobby die voor iedere jongere, en oudere for that mather ook, bezighoudt. Namelijk technologie. Dat is misschien nog wat te breed, ik heb het dan vooral over de GSM (of portable en Français) en het internet (of la Toile). Iedereen was, ik mag het zeggen, toch ietwat geschokt na het zien van een reportage (Jeuj, we hadden eindelijk eens iets begrepen van al het snelle Franse gebrabbel! Ik geef het onderwerp de “schuld”.) die handelde over internetverslaafde Chinese jongeren. De methodes die de dokters in de speciale ontwenningsziekenhuizen gebruikten werden door niemand goedgekeurd en er volgde een interessante discussie over wat wel en niet kon als je verslaafd bent om van je verslaving af te komen. De ene was voor medicijnen, de andere voor praten met de verslaafden en nog iemand anders vond buitenschoolse activiteiten de beste oplossing. Uiteindelijk besloten we dat het erg moeilijk was om te beslissen wat dé oplossing was, want iedere verslaafde reageert anders op een ontwenningsmethode.

Om onze eigen graad van verslaving te meten, moesten we een enquête verzinnen met vragen die de mening en gewoonten van internetgebruik in kaart kon brengen. Het voelde aan als een mix van “journalistiek en onderzoek” en “Frans”, aangezien we vragen moesten zoeken en op een correcte manier omschrijven. Toch was het de ideale manier om het creatieve brein in mij even los te laten en het leverde weer wat extra krediet op. De presentatie van de enquête was zo “mooi” dat er kopieën voor iedereen werden uitgedeeld met als opdracht de vragenlijst tegen de volgende dag in te vullen. Opnieuw een overwinning voor de journalist die over alles, ook alles moet weten.

Taalkamp Brussel: Dag 7

Er zijn zo van die dagen, dat wat je ook doet, je erbij in slaap valt. En hoe zielig het ook mag klinken, want ik volg amper tien dagen Franse les in Brussel, vandaag was zo’n dag. Voor één keer lag het niet aan mij (oké, misschien ook wel. Maar hey, vijf dagen achter elkaar om zes uur opstaan doet wat met een mens. Zeker met een mens die normaal gezien tien uur slaapt.), want het leek wel of we vier uur aan een stuk grammatica kregen. Grammatica die ik al jaren na elkaar, elke keer opnieuw mijn keel door krijg geramd. Dus iets herhalen voor de 12e keer is echt niet leuk. Zeker als het enige wat je goed kan in het Frans, of eender welke andere taal, is de regeltjes vanbuiten blokken, maar het niet in de praktijk kunnen omzetten.

Kortom: vandaag was hel. Behalve de verschillende déjà-vus van de grammatica, hielden we ook nog eens een discussie van een halfuur over het gebruik van de subjonctif. Het gebruik over deze vreselijke, nooit-gebruikte tijd zorgde voor heel wat verwarring, en ondanks de verschillende pogingen van Naïs om het zo goed mogelijk uit te leggen en haar belofte dat nooit iemand het klaslokaal zou verlaten zonder alles te hebben begrepen, vrees ik dat ze gefaald heeft. We besloten dan maar om een lange, zeer lange pauze te nemen om even te kunnen bekomen.

We sloten traditioneel af met een debat, ditmaal over burenruzies. Het blijft me verbazen hoe verschillend en tegelijkertijd hoe gelijkend verschillende culturen kunnen zijn. Terwijl er over gelijkheid tussen mannen en vrouwen in Polen of Brazilië geen sprake is, bestaan er wel dezelfde problemen tussen buren. Iedereen voelde zich dan ook bevrijd om volledig open te kunnen spreken over alle kleine irritaties. Terwijl bij appartementen geluidsoverlast van feestjes of stereo-installaties hét probleem is, maken mensen die in een huis wonen (moi, par exemple) zich druk over oudjes met haagscharen of grasmachines wanneer je wil studeren voor de examens. Lang leve de gebarentaal, trouwens. Vertel mij anders maar eens een gemakkelijke manier om “haagschaar” in het Frans te zeggen als je het woord niet kent (ik heb het trouwens opgezocht in Van Dale. Het staat er niet in…).

Taalkamp Brussel: Dag 6

De onderwerpen waarover we moeten schrijven/lezen/debatteren/…worden met de dag interessanter. Dat is handig, omdat het zo gemakkelijker wordt om je mening te uiten (en dus ook je Frans te oefenen). Vandaag was het onderwerp van de dag “sigaretten” wat logischer wijze uitmondde in een discussie over alle andere ongezonde gewoontes zoals drugs en alcohol.
Tijdens ons dagelijks debatuurtje kreeg onze enige roker in de klas het even moeilijk toen hij ondervraagd werd door zijn tien klasgenoten. Vragen zoals “Hoe lang rook je al, waarom rook je, hoeveel rook je,…” was nog maar het begin van het vuurpeloton. Tabak mondt uit in drugs en drugs eindigt bij alcohol. Toen we Naïs bij het vraaguurtje betrokken, gaf ze eerlijk toe dat ze wel eens van een wit wijntje en champagne kan genieten. Maar dat ze daar nu mee gestopt is omdat….ze zwanger is! In haar woorden hadden we de “avant-première” gekregen, want ze ging het pas volgende week officieel maken. De bekentenis verduidelijkte heel wat zaken, zoals waarom Naïs de vorige dag zo vurig sprak over het wél hebben van baby’s. Was ik even blij dat ik geen hele redevoering zoals Alfio heb gehouden waarom “baby’s hebben” een slecht idee is. Naïs haar baby zal in ieder geval zeer welkom worden ontvangen.

Als we het dan toch hadden over baby’s, kwam daar automatisch trouwen bij. De dag van vandaag is het allemaal niet meer vanzelfsprekend, de link tussen die twee zaken, maar daar trokken we ons even niets van aan. Om de dag af te sluiten, konden we onszelf nog een laatste keer goed belachelijk maken door enkele toneeltjes op te voeren over situaties met getrouwde koppels. Het opzet was in ieder geval geslaagd, iedereen probeerde elkaar te overtreffen door zo goed mogelijk franse grapjes te maken of onverwachte plotwendingen in het toneelstukje van vijf lijnen te brengen. De dag eindigde in ieder geval in hilariteit.

Taalkamp Brussel: Dag 5

Vandaag was de raarste dag in Brussel tot nu toe. Ik heb er een week op moeten wachten en was bijna van plan om mijn vooroordelen opzij te schuiven toen het gebeurde: de gekheid kwam eindelijk uit zijn schulp gekropen. Ook al is het maar twee haltes van het Brussel-Centraal naar Art-Loi, toch kan je op de korte reistijd veel meemaken. Denk nooit of te nimmer dat je aan een stem kunt herkennen of iemand vrouwelijk of mannelijk is, want daar kan je je hard in vergissen. Toen ik slaperig stond te hangen aan een paal om mij vast te houden in de bewegende metro, begon een oud vrouwtje (of zo dacht ik toch) één of andere verkondiging te doen (Vergeef me, het was in het Frans en ik was te moe om echt aandachtig te luisteren. Bovendien heeft mijn moeder me geleerd om niet te wijzen of te staren naar mensen, dus durfde ik het “vrouwtje” ook niet aan te kijken). Het ging over “mort” en “nourriture” en “enfants”…of zoiets in de aard. In ieder geval kon je ervan afleiden dat de persoon in kwestie geld nodig had. Wat bleek nu, het was geen zeventigjarig vrouwtje dat in haar leven te veel gerookt had, het bleek een mannelijke twintiger te zijn. Ik denk dat ik nog wat meer luisteroefening moet doen, want je zo vergissen, kan echt niet.

Ik had weer last van een déjà vu gevoel, toen Naïs de grammaire van de dag voorgeschotelde en we sproken over “porter plainte”. Ik hield me al vast aan de takken van de bomen, want blijkbaar zijn studenten Journalistiek de favoriete “vrijwilligers” om meer uitleg/een mening/… aan te vragen. Het zal wel iets te maken hebben met het feit dat van ons verwacht wordt dat we over alle mogelijke onderwerpen ook alles weten. Ik was in ieder geval voorbereid voor een mogelijke confrontatie, probeerde snel nog alle 1000 woorden te herinneren die met “porter plainte” te maken (zouden kunnen) hebben, maar desondanks bleef ik buiten schot. Het zal te merken zijn dat maar vijf uur per nacht slapen, niet genoeg is om je vier uur aan een stuk te concentreren.

Taalkamp Brussel: Dag 4

We zitten met oversociale mensen in de klas. Hoewel niemand elkander kan verstaan door de verschrikkelijke zware accenten die iedereen heeft (hoewel Naïs zei dat ik mooi Frans sprak), zijn er toch mensen met het geniale idee op de proppen gekomen (ik had verwacht dat het langer zou duren, maar blijkbaar stijgt het goede weer naar enkele personen hun hoofd) om een uitstapje te doen. Samen…op een vrije dag…Hoewel op zich het initiatief niet slecht is, moet ik mij hier toch hevig verzetten voor één goede reden: we lopen rond in een stad waar iedereen Frans spreekt, maar wij, als klasje van 11, niemand deftig Frans kan spreken. Wat als we verloren lopen? Dan is de enige die redding kan brengen iemand die extreem goed Frans kan spreken of…inderdaad: Jasmien. Aangezien ik nog altijd vertrouw op de goedheid van de Brusselaars om ook eens af en toe een woordje Nederlands te spreken. (Tussenhaakjes: dat brengt bij het volgende binnenpretje: Naïs probeerde vandaag het woord “Verschuren” uit te spreken, maar je kan je al wel voorstellen hoe een Fransman met een Frans accent iets Nederlands wil uitspreken, klinkt.) Maar wees niet gevreesd: ik zal niet verdwalen in onze Belgische hoofdstad, want niemand leek echt happig op het idee. Blijkbaar vonden zij ook dat ze wel wat beters te doen hadden op een mooie zonnedag dan naar de cinema te gaan om de Franse versie van Shrek te gaan zien.

De gemoederen liepen hoog op toen we ons dagelijks debat starten. Blijkbaar is de gelijkheid tussen man en vrouw nog steeds een gevoelig puntje voor de heren onder ons. Hoewel onze vier mannelijke klasgenoten duidelijk in de minderheid waren, konden ze het toch niet laten om, zelfs ondanks de gigantische meerderheid van het sterkere geslacht, vrouwen “overgevoelig” en zelfs “irrationeel” te noemen. De feministe in mij nam het al snel over en voor ik het wist, flapte ik er uit dat het wetenschappelijk was bewezen dat vrouwen én slimmer en sterker waren dan de Marsmannetjes. Dat werd met openvallende monden door de mannen, en een grote grijns van de vrouwen, onthaald.

Vandaag viel het me op dat zo’n gemixte groep van jonge mensen, je heel wat levenswijsheid kan opleveren. België is zeker niet perfect, maar in vergelijking met andere landen, hebben we dus overduidelijk niets te klagen. Toen we vandaag meningen moesten uitwisselen over hoe we de gelijkheid tussen vrouw en man zagen, was ik blijkbaar de enige die het toch ietwat positief inzag (ondanks mijn feministische trekjes). Blijkbaar moet je als vrouw in Polen of Brazilië niet hopen op een ietwat eerlijke behandeling. De wereld is klein, maar de verschillen zijn groot.

Taalkamp Brussel: Dag 3

Na een dagje uitrusten en veinzen van Belgische trots, was het weer op naar de schoolbanken! Blijkbaar hebben de Brusselaars de nationale feestdag wel gevierd, want toen we vanochtend slaperig op de metro stonden te wachten en er “Imagine” van John Lennon uit de boksen hoorbaar was, liep er luidkeels meezingend een werkman voorbij. Blijkbaar kon hem het ongoddelijke vroege uur niets schelen.

De 200-woorden-tellende-opinie werd trots overhandigd aan Naïs en de lessen konden beginnen. We lieten de natuur achter ons (geloof mij, zelfs als je voor Groen! stemt, kan het hele ecosysteem je na een tijd beginnen te storen) en we gingen over naar een tweede passie van mij: namelijk lezen. Het toeval moest natuurlijk weer voorvallen dat we moesten debatteren over “Aimez-vous lire, pourqoui vous lisez, qu’est-ce que vous lisez et combien de temps vous lisez?” Aangezien er van een journalist wordt verwacht dat die elke dag de krant uitpluist, kon ik het vandaag weer eens opnieuw in iedereens neus wrijven dat ik: ja, van België kom en ja, ik deze cursus volg ook al heb ik al welgeteld 10 jaar Frans gehad. Ik hoop nu dat alle grappen, twijfels en onbegrip uit de wereld verdwenen zijn, want ik heb geen zin om me nog eens te herhalen.

De les eindigde met iets dat van het vijfde middelbaar geleden was: “Het grote Franse dictee der Franse taal”. Schrijven is niet mijn sterkste punt… lezen ook niet echt…spreken zeker niet…en ik ben half doof, dus luisteren lukt ook niet meer zo goed. Dus een Frans dictee was wel het laatste waar ik de les mee wilde eindigen. Maar toch moest het gebeuren…en het gebeurde. Aan de positieve kant heb ik wel twee nieuwe, moeilijke (schrijfbare) woorden geleerd vandaag: “Apparemment” en “la saucisse” (en ja, je spreekt het uit comme “saucijs” of de Antwerpse versie van “worst).

Taalkamp Brussel: Dag 2

De eerste dag hebben we achter de rug, en daardoor is ook het “nieuwe” er vanaf. Of misschien toch ook niet helemaal. Ik kreeg een flashback van het eerste leerjaar wanneer we een invulboek voorgeschoteld kregen waar we oefeningen in konden maken. Het was jaren geleden dat ik nog zo’n boek had gezien, maar het principe blijft blijkbaar na al die jaren nog steeds stand houden. Daarbij komt dat ik me elke dag aan huiswerk kan verwachten, iets dat het gevoel dat ik blijkbaar een zesjarige ben alleen maar versterkte.

Voor de rest is er niet veel spannends gebeurd. Een nieuwe student heeft zich bijgevoegd waardoor de teller van het aantal Italianen in onze klas op drie komt te staan. Naïs doet alle moeite van de wereld om groepjes te maken waar zeker geen twee Italianen bijeen zitten. Dat blijkt niet altijd een even gemakkelijke opdracht te zijn. Daarbovenop begint iedereen een Italiaans-Frans accent te kweken, in plaats van een gewoon Frans accent.
Voor zover wat we gedaan hebben gedurende de vier uur Frans aan een stuk: we kregen minder grammatica voorgeschoteld dan gisteren, maar de combinatie spreken-schrijven-luisteren-zien wordt opgevoerd. Er was een persoonlijk binnenpretje wanneer we een luisteroefening van “7 jours sur la planète” kregen. Het thema van de week blijft ecologie.

Taalkamp Brussel: Dag 1

Dag één voelde aan net zoals een eerste schooldag moet aanvoelen: vlinders in de buik van de zenuwen, extreem veel zweten (bij extra warme temperaturen), maar ditmaal als extraatje: belanden in een stad, amper 55 kilometer verwijdert van Antwerpen, waar men, zo leek het toch, enkel Frans spreekt. Dat was natuurlijk de opzet van het hele gebeuren, maar de schok op zo’n eerste schooldag komt toch nog altijd even hard aan, zelfs na meer dan 17 jaar ervaring.

Vooraleer je Brussel bereikt, moet je voorbij een heleboel Franse hinderlagen. Franse treinen, Franse borden, Franse bedienden, Franse alles. Zelfs de metro leek me vrij “Frans”, aangezien de vreemde odeur die er hangt, doet herinneren aan, jawel, Franse toiletten. Laten we hopen dat na twee weken, compleet ondergedompeld, in het geval van de metro wil ik het liefst niet letterlijk nemen, in de Franse cultuur, we aan dit alles gewend geraken. Maar, nog belangrijker, er ook alles van begrijpen.

9 medeslachtoffers, schrap dat, medeklasgenoten, zullen de komende twee weken begeleid worden door de Française Naïs Chapard. Een kranig, sorry heren, getrouwd juffrouwtje dat al ongeveer drie jaar in Brussel woont.
Ons klasje van tien zal de komende tien dagen praten, horen, voelen, zien en nog veel meer andere senses, met elkaar in de hoop dat we er iets van opsteken. In ieder geval heb ik vandaag geleerd dat, van waar je ook komt, de Franse taal je kan boeien. Of je nu een Italiaan bent die een week speciaal naar België komt om Frans te leren om zo een bedrijfje op te starten in Frankrijk, of je nu een Chinees bent die in Canada woont die in Brussel Frans leert spreken, of je nu een Brusselse Marokkaanse bent die haar accent wil wegwerken of je nu een twintigjarige studente Journalistiek bent die na tien jaar eindelijk heeft besloten om iets aan haar rampzalige Frans te doen. Je bent in ieder geval welkom in Brussel, Wetstraat 26, en indien je wil, wel op eigen risico, kan je ’s morgens meerijden met Bart de Wever en zijn monovolume.

Taalkamp Brussel: Proloog

Morgen is het zo ver! Na weken aftellen, nee dat is overdreven, zo fanatiek ben ik nu ook weer niet, na weken zenuwachtig uitkijken naar deze dag is het eindelijk zo ver. Morgen vertrek ik naar Brussel op taalkamp. Ja, ik weet het, het is te belachelijk voor woorden: een Belg die op Frans taalkamp naar Brussel gaat. Spijtig genoeg heb ik geen goede ervaringen met buitenlandse kampen, schrap de buitenlandse, en voel ik me dus veiliger als ik weet dat ik elke dag over en weer kan komen met de trein.

Anywho, de komende dagen zal dit blog als een soort “dagboek” moeten fungeren (is dat een correct nederlands woord? Ach, you know what I mean…). Elke dag zal er dus een post worden gemaakt over de “Spannende belevenissen van Jasmien op Brussels taalkamp”. Het kan (wees maar zeker: het zal) over vanalles en nog wat gaan, van de stomste dingen tot de grootste levenslessen. In ieder geval heb ik me weer op een zoveelste raar “avontuur” gestort (ja wat je avontuur noemt) en ik vond dat het zeer belangrijk was om met de wereld te delen. Have Fun! Wacht, dat moet ik tegen mezelf zeggen…Toedels!